Noordzee aquarium Oostende en westhoek
We beginnen onze daguitstap met een bezoek aan
het Noordzee Aquarium in de stad Oostende.
Gelegen op wandelafstand van het station op de visserskaai.
In het Noordzee Aquarium kan men een zestigtal soorten levende zeedieren bewonderen. Het zijn lagere zeediersoorten, schaaldieren en vissen. Die zijn ondergebracht in 13 aquaria met een totale inhoud van ongeveer 12.000 l zeewater.
Daarnaast is er een tentoonstelling van opgezette zeldzame vissen en een uitgebreide verzameling van Noordzeeschelpen, kreeftachtigen en stekelhuidigen.
Op de middag genieten we met zijn allen van een zeer verzorgd 3-gangendiner.
Na het middagmaal doen we een prachtige rondrit waar we volgende legendarisch plaatsen zullen bezoeken :
Canadees Monument.
De ‘Canadien’, zoals hij in de volksmond genoemd wordt, staat aan het Kerselarekruispunt (‘Vancouver Corner’) van de Brugseweg en Zonnebekestraat te Sint-Juliaan.
Het beeld mag terecht één van de mooiste monumenten uit de frontstreek genoemd worden.
Het staat in een park met rozen, coniferen en juniperussen.
Het beeld staat op een vierkant plateau met aan elke zijde een boogvormige uitsprong. Het is een witgranieten zuil van ruim 10 meter hoog, met bovenaan het borstbeeld van een gehelmde Canadese militair die lijkt na te denken over het lot van zijn gesneuvelde vrienden.
Hij staat met gebogen hoofd gericht naar de plaats vanwaar op 22 april 1915 de chloorgaswolk kwam aandrijven. Zijn gevouwen handen rusten op een omgekeerd geweer : de kolf naar boven, de loop in de grond. Deze houding ‘Arms reversed’ is de traditionele militaire groet aan de gesneuvelden. Vooraan op de zuil staat in grote letters ‘CANADA’. Aan de zijkanten van de zuil zijn panelen aangebracht met opschriften in het Engels en het Frans die een bondige samenvatting zijn van de Canadese bijdrage tijdens de tweede slag om Ieper: ‘Deze kolom wijst het slagveld aan waar 18.000 Canadezen aan de Britse linkerflank standhielden tegen de eerste Duitse gasaanvallen van 22 – 24 april 1915.
Tweeduizend vielen er toen en liggen in de omgeving begraven’.
Het opschrift ‘… fell and lie buried nearby’ vervangt het vroegere opschrift ‘… fell and lie buried here’. Dit laatste was wat misleidend want de gesneuvelden liggen begraven op de begraafplaatsen in de omgeving en niet, zoals dikwijls wordt aangenomen, onder het gedenkteken. Aan de voet van de zuil, langs de rechterkant, staat de naam van de ontwerper en het jaartal van ontwerp: F.C. Clemeshaw 1921.
Frederick Chapman Clemeshaw uit Regina (prov. Saskatchewan) maakte zelf deel uit van het Canadese expeditieleger in Frankrijk en België. Na de oorlog hield hij zich bezig met bouwkunde. Hij stierf in 1958. De stenen van de zuil komen uit steengroeven in de Vogezen. De buste werd in Brussel gebeeldhouwd. In een boog rond de zuil zijn op het plateau de volgende oriëntatiepijlen aangebracht : Ypres, Boesinghe, Hooghe, Zonnebeke, Passchendaele, Poelcapelle en Langemarck.
Dit zijn allen plaatsen met een bijzondere betekenis in de slag van de gasaanvallen. De oorspronkelijke struiken en de aarde onder het monument kwamen uit Canada. Doordat de Belgische bevolking het terrein aan het Gemenebest schonk, staat men hier dus letterlijk en figuurlijk op Canadese grond. De struiken zijn gesnoeid in de vorm van artilleriegranaten en de lage struiken aan de zijkanten van het verhoog moeten het front uitbeelden met de oneffenheden die ontstonden door de granaattrechters.
Guynemer
Georges Guynemer was een pionier voor de Franse luchtvaart in oorlogstijd. De luchtgevechten De luchtgevechten stonden nog in hun kinderschoenen, maar Guynemer slaagde er in om meer dan 50 Duitse gevechtsvliegtuigen neer te halen. Hij behoorde tot een elitekorps van de Franse luchtmacht het ‘escadrille des cigognes’. Op 11 september 1917 werd Guynemer neergehaald en zijn lichaam werd nooit teruggevonden. Het monument dat werd opgericht domineert het dorpsbeeld van Poelkapelle. Op de top van een hoge zuil is een bronzen ooievaar geplaatst met neerwiekende vleugels die vliegt in de richting waar Guynemer zou zijn gecrasht. Een lauwerkrans siert de zuil die is opgehangen in de richting van het geallieerde front en het laatste dagorder van Guynemer staat ingebeiteld in de steen.
Poelcapelle British Cemetery
Poelkapelle werd door de Duitsersop de Fransen veroverd op 20 oktober 1914. Op 4 oktober 1917 slaagde de 11th Division er in om het dorp te heroveren tijdens de 3de slag bij Ieper. Het werd door de Britten in april 1918 opnieuw uit handen gegeven tijdens de terugtrekking naar Ieper toe. Belgische troepen heroverden het definitief op 28 september 1918. De gemeente telde meerdere Duitse militaire begraafplaatsen.
Vlakbij Poelcapelle British Cemetery bevonden zich Poelcapelle East German Cemetery, door de Duitsers aangelegd, en Poelcapelle New German Cemetery die door Britse opgravingsploegen werd aangelegd na de oorlog. Poelcapelle British Cemetery ontstond na de oorlog door de concentratie van verspreide graven uit de omliggende slagvelden en door de ontuiming van kleine begraafplaatsen die naar hier werden overgebracht.
De overgrote meerderheid van de slachtoffers sneuvelden in de tweede helft van 1917 en dan vooral in oktober.
Enkele plots (IA, VIA, VIIA, LI en LXI) bevatten ook veel graven met doden uit 1914 en 1915.
Er worden nu 7478 Commonwealthdoden uit de eerste wereldoorlog herdacht en 1 uit de tweede wereldoorlog.
Daarvan zijn er meer dan 6200 niet-geïdentificeerden.
Opmerkelijk op de begraafplaats zijn twee zerken die naast elkaar staan. Het ene is het grafzerk van Thomas Carthy die de oudste gesneuvelde was van zijn regiment. Naast hem ligt John Condon begraven met de vermelding ‘age 14’ (leeftijd 14 jaar). Hij zou de jongste gesneuvelde zijn aan Britse zijde.
Recent onderzoek heeft echter uitgewezen dat hier wellicht een fout werd gemaakt en dat Condon 18 jaar zou zijn.
De Koekelaarse paardenmelkerij
Rond 16u30 belanden we in de Koekelaarse paardenmelkerij.
Sinds juli 2008 zijn ze begonnen met het aankopen van hun eerste Friese paarden, zes merries en een hengst. Met deze groep zijn ze gestart, met de bedoeling om Friezen te fokken en te melken.
In 2009 hebben de merries hun eerste veulens gekregen.
De groep is ondertussen al flink uitgegroeid, momenteel hebben ze een twintigtal Friese paarden. Hier krijgen we een rondleiding met degustatie.




